Vocal Instant Composition

Huis van Lied en Geluid: verslagen van het pilot project

Impressie van donderdag 7 april 2016
Vandaag is het dan zover, na een jaar van voorbereiding ontmoeten we als eerste de ouderen op de psychiatrische afdeling van het verpleeghuis om met hen te zingen en te improviseren. Het is een divers gezelschap.

Een introverte man die meestal handen wrijvend voor de tv zit, komt aan het eind van het bezoek in een kring staan waar wordt nagepraat, dat had het personeel hem nog niet eerder zien doen.

Een grote vrouw in een rolstoel, die bijna niet kan bewegen en praten, neuriet af en toe mee en begint te glimlachen.

Een relatief jonge vrouw die uit volle borst My Funny Valentine begint te zingen, waarop wij improviseren. Zij is zo enthousiast dat op het moment dat het Genetic Choir een improvisatie laat horen, zij na afloop meteen opstaat en zich bij het koor voegt en een nieuw eigen lied zingt. Dat is voor haar heel speciaal vertelt ze na afloop, om te horen hoe de zang haar lied omlijste, ze had echt het gevoel dat er iets gebeurt.

Een wat teruggetrokken mevrouw uit de Jordaan, die stilletjes zit te genieten.

Een muzikale vrouw met een gedegen piano opleiding, die het allemaal maar gezwets vindt. Ze wil graag een canon zingen en houdt ervan als de muziek harmonieus is.

Een joviale man, die ieder lied uit volle borst meezingt en ontroert raakt als hij Jesu bleibet meine Freude zingt.

Een vrouw die oorspronkelijk uit Duitsland komt, ze vindt de muziek rustgevend en heeft tijd nodig om de muziek uit haar jeugd zich te herinneren.

Heel bijzonder om deze uiteenlopende mensen te ontmoeten en een klein beetje te leren kennen. We zien uit naar verdere ontmoetingen.
Impressie van donderdag 14 april 2016

‘Alsof ik weer helemaal jong ben’
‘Te gek om elkaar na te zingen’
‘Alsof je zomaar in de hemel bent gekomen’

Een kleine greep uit de reacties van de deelnemers aan de workshop van Genetic Choir.
We beginnen met een kennismakingsronde, de groep bestaat uit een aantal vrijwilligers van het verpleeghuis, een bewoner, een aantal zangers van het Genetic Choir en een onderzoekster. We luisteren naar de geluiden om ons heen: de airconditioning, stemmen op de gang, de adem van de anderen, het verkeer buiten. Dan gaan we zingen, eerst ieder een toon, allemaal tegelijk, wat een aparte samenklank geeft dat. Het is een beetje wennen voor sommigen, maar al snel heeft iedereen de smaak te pakken. Wat is er nog meer te horen, met wie botst je eigen klank en met wie klinkt het juist heel mooi?
Herinneringen aan een oude docent muziek komen boven.
En kan wat er met klank kan ook met ritme? Iedereen zingt of maakt tegelijkertijd zijn eigen ritme. Op een gegeven moment komen we met z’n allen in een groove, met een spectaculair einde, lekker!
Dan een bekende oefening van het Genetic Choir, het heel snel kopiëren van elkaar. Eerst oefenen we dat twee aan twee allemaal tegelijk, dat geeft een kakafonie aan geluid. Tot slot presenteren de duo’s zich aan de groep. Heel bijzonder om te zien en te horen hoe de deelnemers zich uitdrukken met klank en geluid. De tijd is omgevlogen.
Impressie van donderdag 21 april 2016

Vandaag zijn we op bezoek op een afdeling, waar een man in de kring zit die het gezang van het Genetic Choir helemaal niks vindt. Hij wil het liefste weg, maar dat kan hij niet zelfstandig  omdat hij in een rolstoel zit. Ik stel voor hem te helpen wegrijden, maar dat wil hij niet, dus hij blijft. Het is een intelligente man, journalist geweest en hij heeft veel van de wereld gezien. Hij moppert dat de medebewoners met het zingen van een lied de aandacht opeisen, hij vindt het echt niks. De meeste muziek die gezongen wordt is niet zijn smaak, al verbetert hij de teksten. Als ik vraag van welke muziek hij houdt, dan noemt hij de Mattheus-Passion en met name het slotkoraal. Ik ga het voor hem zingen, maar hij vindt het vreselijk. Deze middag is eigenlijk de geschiedenis-middag , dat is wat hem interesseert. Ik gooi een historisch onderwerp op, hij heeft het over iets van vroeger van zichzelf. Ik ga in op wat hij zegt, hij springt over op een historisch onderwerp. Uiteindelijk blijkt hij het fijn te vinden om over iets te praten en dat ik daar dan niet op in ga en gewoon over mijn eigen onderwerp praat. Hij vraagt of ik hem een vervelende man vindt, omdat hij het niet kan waarderen waar wij voor komen. Ik ben juist gecharmeerd van zijn eerlijkheid en als ik dat zeg kan hij dat niet geloven. Als de workshop bijna ten einde is doet hij iedereen versteld staan door bijzonder overtuigend een mooi lied te declameren!
Heel leerzaam, deze ontmoeting, het geeft aan dat het goed is om rustig iedere keer weer terug te gaan naar datgene waar wij als Genetic Choir mee bezig zijn en dat weerstand ook een manier is om contact te maken.

Impressie van donderdag 28 april 2016
De kaptafel

Een van de vrijwilligers die de workshops volgt heeft een mobiele kaptafel waarmee ze over de afdeling ‘reist’. Yinske, een van de zangers van het Genetic Choir, gaat met haar ‘op pad’. Hier haar verslag.
Bij de kaptafel is het makkelijk om klein te werken. Vooral de neurie is heel passend, voelt als iets heel vanzelfsprekend om bij de handelingen te doen.  Hier is de mogelijkheid om één op één een band op te bouwen door steeds hetzelfde ritueel te doorlopen: huid schoonmaken, scheren gezichtsbeharing, gezichtsmassage met crème, lippenstift, foundation, blush, haren ‘wassen’ met droogshampoo, nagels knippen, nagels lakken. Het is intiem en heel dichtbij, maar doordat je bezig bent voelt het niet ‘intrusive’.  De stemming die je standaard neerzet is die van verzorgen, ontspannen, goed over jezelf voelen. Vanuit hier werk je dus. Het is daarbij belangrijk dat je jezelf en de ander kan zien in de spiegel.
De eerste dame die in de kapsalon komt, is doorgaans onrustig, vertelt de vrijwilligster van de kaptafel, nu is ze kalm en blijft zitten. Door de beauty-behandeling en door het neuriën wat ik doe en de vrijwilligster doet mee. Ze vertelt flarden van verhalen, veelal in het Engels. Dan opeens uit het niets zingt ze een aantal regels van een lied, met een werkelijk prachtige stem. Het leek een kerklied. Het lukt niet haar nog een regel te laten zingen. Ze zwijgt of vertelt losse zinnen van een verhaal.
De tweede dame is een dame die niet meer spreekt en zeer weinig beweegt: ze reageert op neuriën en de beautybehandeling door haar blik en een flauwe glimlach.
De laatste dame in de stoel kan veel vertellen en doet dat ook. Ze heeft altijd veel muziek gemaakt, als jonge meid. Er zit ook nog veel muziek in haar, vertelt ze. Zij past goed bij onze ambitie van werken met herinneringen en de schatkamer aan muziek in mensen.  Ze zingt een stukje van een Indonesisch lied. “Dat was gewoon de mode in die tijd, dat deden we gewoon”.  Ik heb een paar regels van het liedje onthouden en ingezongen. Deze dame kan nog steeds mooi zingen. “Ja, ik kan het nog zingen, me nog herinneren, want ik zing het met emotie”.
We praten, ook met de vrijwilligster, over het niet/nooit tevreden zijn van vrouwen over hun uiterlijk: “Och, ik zie er niet uit”, “Je bent prachtig zonder make-up!”, etcetera. Als ik weg ga, zegt ze, met veel bedoeling: “Zorg goed voor jezelf”. Ik begrijp wat ze bedoelt.

Impressie van donderdag 12 mei 2016
Het afwaslied en happy days

Omdat de vrijwilligers die de zangmiddag verzorgen met vakantie zijn, mag het Genetic Choir die middag invullen. We zijn blij met het vertrouwen.
Een van de dames zegt dat ze vroeger veel zongen bij de afwas en dat blijkt voor meer mensen die aan tafel zitten te gelden. Welke liederen er werden gezongen, dat is dan weer wat moeilijker om te herinneren. Marjolijn, een van de Genetic Choir zangers, stelt voor om het afwaslied te gaan zingen. “Dat ken ik niet”, zegt de dame die zo graag zong bij de afwas. “Ik ook niet” zegt Marjolijn, “we gaan het nu met z’n allen maken”. En zij zet in, dat blijkt het refrein te worden. Er ontstaat een lied compleet met gebaren over afwassen, de handen in het sop. Coupletten worden door de Genetic Choir zangers ingezet, iedereen zingt die na en dan weer een refrein. Een heel nieuw en toch heel herkenbaar lied dat door iedereen met plezier wordt gezongen. Het werd heel mooi en speels.
Op een gegeven moment zingen we ‘O Happy Day’ en begint een van de bewoners, die tot dan toe bijna niets gezegd heeft, mee te zingen, dat wordt heel spannend. Ze draagt een schaal bij zich waarmee ze een soort ritueel uitvoert en loopt naar een spiegel. Via de spiegel kijkt ze naar de zangers en blijft zingen in een kwetsbaar vraag- en antwoordspel. Op een gegeven moment komen bewoners die er een dagje met de bus op uit waren, uitgelaten binnen. De zingende dame blijft bij/in de muziek, in het kwetsbare nieuwe lied. En wij luisteren.